Arjan van Baest

Arjan van Baest (1969) werkt als componist, dirigent en pianist/organist in kerk, concertzaal en theater. Hij is een van de vaste pianisten van Dorine van der Klei. Met zanger Jelle Leistra vormt Arjan het duo ‘Leistra en Van Baest’, dat zich vooral toelegt op de liedjes van Harry Bannink.

Voor het theater schreef Arjan de muziek voor ‘Lodewijk Napoleon in Brabant’, ‘Mingo’, ‘Een wintervertelling’, ‘Muze van mijn hart’, ‘Pleisketier – de musical’ en de kameropera ‘Diva’. Verschillende composities van Arjan zijn opgenomen op cd: koorwerken op ‘Pro Luce’ (2013), kleinkunstliedjes op ‘Lezen in bed’ (2017), liturgische muziek op ‘Licht en liefde’ (2018), kamermuziek op ‘Dromen op muziek’ (2018) en pianomuziek op ‘Piano Works’ (2020).

Arjan arrangeerde voor Theaterchor Niederrhein verschillende popsongs voor theaterorkest, en in opdracht van ‘1000 Stemmen zingen Huub Oosterhuis’ bewerkte hij enkele liturgische liederen van Antoine Oomen en Bernard Huijbers voor groot orkest. Voor de theaterproductie ‘100 op een hoop’ (najaar 2021) schrijft Arjan arrangementen op bekende popsongs uit de afgelopen decennia. Hij is tevens de muzikaal leider van dit project.

Arjan studeerde compositie bij Kees Schoonenbeek, koordirectie bij Louis Buskens (cum laude) en orkestdirectie bij Arjan Tien. Aan de Universiteit van Tilburg promoveerde hij op een proefschrift over muziek, tekst en betekenis.
Zie ook: www.arjanvanbaest.nl

Muziek is voor mij verbinding, ook in het componeren van Thomas’ Passie. Door het handelen van de personages te verbinden met klankkleuren en muzikale beweging kan ik het gedrag van die personages in een bepaald licht zetten, dat geeft hen extra ‘kleur’. Als componist heb ik daarvoor een scala aan muzikale technieken tot mijn beschikking uit uiteenlopende muzikale stromingen – het palet is in principe onbegrensd, ik kijk graag over grenzen heen. Wélke kleur dat uiteindelijk oplevert, welke indruk een personage achterlaat, en hoe vervolgens de verschillende personages zich in dat opzicht tot elkaar verhouden, is aan het publiek zelf. Beeld, tekst en muziek kunnen alleen de bouwstenen aanreiken. En ook dat is verbinding.